Wilco: ''Breekbaar, maar nooit zonder hoop''

Sommige platen herken je niet onmiddellijk als meesterwerk omdat ze zo extreem klinken. De verhalen daarover zijn altijd leuk, vooral achteraf: Wilco dat van hun label werd geknikkerd omdat Yankee Hotel Foxtrot te experimenteel klonk, als een echo van de platenbaas die The Beatles weigerde. Of anders Velvet Underground wier debuut matig werd verkocht maar waarover het verhaal gaat dat iedere koper zelf een bandje oprichtte. Andere platen worden als meesterwerk gemist juist omdat ze op het eerste gehoor minder baanbrekend klinken. Een mooi voorbeeld daarvan is een andere plaat van Wilco: Sky Blue Sky.

Tekst door Bertram Mourits (Popmagazine Heaven)

 

Toen dat album verscheen, had Wilco al een lange geschiedenis – die eigenlijk al begon voor de band bestond. Wilco is namelijk een van de twee bands die ontstond toen Uncle Tupelo uiteenviel: het bandje dat country speelde met een punkmentaliteit en dat van onschatbare betekenis is geweest voor de ‘alternative country’-beweging uit de jaren negentig. Na het uiteenvallen maakte Wilco enkele lekkere albums waarin ze op zoek leken te zijn naar het geluid van The Rolling Stones in de tijd van Exile on Main Street. Toen kwam Summerteeth, dat een tikje experimenteler was geproduceerd, en dat bleek geen incident. Yankee Hotel Foxtrot was een daverende verrassing, en een behoorlijk onaangename voor de platenmaatschappij die besloot het album niet uit te brengen. De rest is geschiedenis, zoals dat heet: Wilco gooide de plaat op hun website, de reacties waren overweldigend enthousiast en een andere maatschappij meldde zich: het iets trendgevoeliger Nonesuch. Opvolger A Ghost is Born zocht de grens al helemaal op, met onder andere een minutenlang gepiep dat de hoofdpijn verbeeldde waarvan Jeff Tweedy zoveel last had. Zonder met de ogen te knipperen bracht Nonesuch ook deze plaat uit.

En toen kwam Sky Blue Sky, een liedjesplaat, op het eerste gehoor zonder al te veel experiment. Vinger-aan-de-pols-site Pitchfork verwijt de band zelfs dat ze zich ‘terugtrekken in de comfort zone’, Mojo betreurt de ‘radiovriendelijke’ productie en zelfs de lof is soms dodelijk: Entertainment Weekly noemt de plaat ‘het beste album dat de Eagles nooit hebben gemaakt’. Au.

Geert Henderickx was vanaf de eerste luisterbeurt beetgepakt door Sky Blue Sky. Hij besprak hem niet voor OOR maar zette hem wel op nummer één in zijn jaarlijst. De liedjes hakten erin, hij omschreef dat mooi, in een column in Heaven : ‘Wat een plaat en daarbij eindelijk ook nog eens eentje die af en toe over je eigen leven gaat. With a sky blue sky this rotten time wouldn’t seem so bad to me now, zingt Jeff Tweedy lijdzaam, terwijl het opnieuw regent dat het giet. I survived, that’s good enough for now. Beetje pathetisch misschien, toegegeven, al is het daarom niet minder waar – en het geeft tenminste enige troost.’

Wat Henderickx ervaarde, en de trendsetters van Pitchfork of en Mojo niet, is hoe raak het verband tussen tekst en muziek is op deze plaat. Breekbaar, maar nooit zonder hoop. De opening is even adembenemend als tranentrekkend: Maybe the sun will shine today, the clouds will blow away. Maybe I won't feel so afraid, I will try to understand either way. Daar kan je het mee doen, als je met vrees aan de dag begint. Misschien schijnt de zon. Misschien niet. Misschien ben je bang. Misschien niet. Maar je kunt proberen het te begrijpen.

Die boodschap wordt ondersteund door de muziek. Op het eerste gehoor vaak lichtvoetig, maar vol jazz-achtige solo’s en dwarse details, milder dan op de twee voorgangers, maar er valt veel in te horen. ‘Side with seeds’ heeft een bijna symfonische rock-achtige solo. Het ritme in ‘Shake it Off’ verspringt ook al alsof we Yes of King Crimson horen. En ik realiseer me opeens: ik hóór symfonische rock in deze muziek, omdat dát de muziek is waar ik in mijn muzikaal formative years veel naar luisterde, de muziek die me troost gaf toen ik 16 was. En ik begrijp opeens de recensent van Entertainment Weekly: hij was vast een enorme Eagles-fan op zijn zestiende. Met Sky Blue Sky heeft Wilco iets onwaarschijnlijks gepresteerd: een plaat als een spiegel die je iets teruggeeft waardoor je je, soms, voor zo lang als het duurt, kan laten troosten.

Op maandag 23 september staat Wilco in onze Grote Zaal! Er zijn nog tickets te koop via hier.  

Dit stuk komt uit Popmagazine Heaven. Heaven verschijnt 6x per jaar in een omvang van 64 tot 76 pagina’s en bevat naast interviews, achtergrondartikelen en columns, ook altijd meer dan 100 albumrecensies. Geïntereseerd? Voor slechts 22,50 per jaar heb je een zeer voordelig abonnement: 6x Heaven plus een album en twee eerdere nummers cadeau.

MEER SHELTER STORIES: